Universiteit van Vechta strijdt tegen voedselverspilling in India!
De Universiteit van Vechta doet samen met internationale partners onderzoek naar de recycling van voedselafval in India, gefinancierd door de DFG.

Universiteit van Vechta strijdt tegen voedselverspilling in India!
Voedselverspilling is een probleem dat ons allemaal aangaat. Er is vooral vraag naar innovatieve benaderingen in tijden waarin duurzaamheid en behoud van hulpbronnen erg belangrijk zijn. De Universiteit van Vechta maakt nu deel uit van een internationaal, interdisciplinair onderzoeksproject dat precies op dit punt begint. De focus ligt op het recyclen van voedselafval in Bengaluru, India. Volgens Fleischwirtschaft wordt het project geleid door prof. dr. Andreas Bürkert van de universiteit van Kassel en prof. dr. Nikolaus Schareika van de universiteit van Göttingen gecoördineerd. Het doel van deze samenwerking is om de interacties tussen stedelijke en landelijke gebieden te analyseren om betere oplossingen te vinden om voedselverspilling terug te dringen.
Een blik op de huidige situatie van voedselvernietiging in de EU laat zien dat veel lidstaten al jaren onderzoek doen naar het meten van voedselverlies en -verspilling. Er worden verschillende methoden gebruikt, zoals het gebruik van bestaande statistieken en enquêtes onder huishoudens of het zoeken in afval. Het Thünen Instituut heeft waardevolle expertise ingebracht, met name via het platform Thünen, dat in 2016 door de Europese Commissie werd gelanceerd en waarbij alle lidstaten en internationale organisaties betrokken zijn. Met de herziening van de Europese Kaderrichtlijn Afval werd in 2018 een uniform raamwerk gecreëerd voor het definiëren en meten van voedselverspilling.
EU-projecten en reductiedoelstellingen
Een belangrijke stap in de strijd tegen voedselverspilling was het voorstel van de Europese Commissie om de Kaderrichtlijn Afval in juli 2023 te herzien. Dit omvat bindende doelstellingen voor afvalreductie op nationaal niveau tegen 2030. Het plan is om de verspilling met 10% te verminderen in de voedselverwerking en -productie en met 30% in de detailhandel, restaurants en huishoudens, zoals door [Europarl]. Het EU-Parlement heeft een duidelijkere koers gevolgd en eist zelfs een reductie van minstens 20% in de voedselverwerking en 40% in de detailhandel en restaurants.
Een dergelijke aanpak is meer dan noodzakelijk. Volwassen burgers in de EU gooien elk jaar gemiddeld 173 kg voedsel weg, een echte absurditeit. De EU is van plan het bewustzijn over zogenaamde ‘lelijke’ groenten en fruit te vergroten en onverkocht, maar nog steeds eetbaar voedsel beschikbaar te stellen voor donatie. Deze maatregelen kunnen ertoe bijdragen de alarmerende cijfers rond voedselverspilling aanzienlijk terug te dringen.
Waar zijn we?
Er blijven echter uitdagingen bestaan bij het verzamelen en vergelijken van gegevens over voedselverspilling. Verschillende definities en meetmethoden maken het moeilijk om een duidelijk overzicht te krijgen. Volgens Thünen is er slechts schaarse informatie over voedselverlies in sommige EU-staten. Een ander addertje onder het gras is dat alleen voedselafval dat wettelijk als afval wordt geclassificeerd, als voedselverspilling wordt beschouwd, wat de discussie nog ingewikkelder maakt. De lidstaten zijn sinds 2020 verplicht hun voedselverspilling jaarlijks te meten en te rapporteren, maar is dit voldoende om effectief actie te ondernemen?
Het valt nog te bezien of de nieuw ingevoerde maatregelen daadwerkelijk zullen leiden tot een merkbare vermindering van de voedselverspilling. Maar de richting is goed, en met een combinatie van onderzoek, politieke wil en een verandering in het consumentendenken kunnen we een belangrijke stap zetten naar een duurzamere toekomst.