Bestaansangst in de fruitteelt: verhoging van het minimumloon brengt seizoenarbeiders in gevaar!

Transparenz: Redaktionell erstellt und geprüft.
Veröffentlicht am

Nedersaksen: Fruitboeren maken zich zorgen over de verhoging van het minimumloon. Vakbonden roepen op tot uitzonderingen voor seizoenarbeiders.

Niedersachsen: Obstbauern in Sorge wegen Mindestlohnerhöhung. Fachverbände fordern Ausnahmen für Saisonarbeitskräfte.
Nedersaksen: Fruitboeren maken zich zorgen over de verhoging van het minimumloon. Vakbonden roepen op tot uitzonderingen voor seizoenarbeiders.

Bestaansangst in de fruitteelt: verhoging van het minimumloon brengt seizoenarbeiders in gevaar!

Er steekt een storm op in Nedersaksen: de geplande verhoging van het wettelijke minimumloon zorgt voor grote zorgen onder de fruit- en speciale gewassenbedrijven in de regio. Claus Schliecker, voorzitter van de fruitteeltspecialistgroep op het platteland van Nedersaksen, waarschuwt duidelijk. Volgens hem zou deze ontwikkeling het voortbestaan ​​van veel lokale fruittelers kunnen bedreigen. Luidruchtig gabot.de Landvolk Nedersaksen en diverse brancheverenigingen roepen op tot een speciale regeling in de wet op het minimumloon, specifiek voor seizoensarbeiders.

Op 30 juni zal de Minimumlooncommissie een besluit nemen dat verstrekkende gevolgen kan hebben. Vanaf 1 januari 2026 gaat het minimumloon omhoog naar 13,90 euro, gevolgd door een verdere verhoging naar 14,60 euro in 2027, zoals aangekondigd door Vereniging van boeren en wijnbouwers gemeld. Deze ontwikkelingen kunnen een grote druk leggen op vooral agrarische bedrijven.

De situatie van seizoenarbeiders

Seizoensarbeiders zijn van cruciaal belang in de Duitse landbouwsector. Volgens de Landbouwtelling van 2023 zijn er 876.000 mensen werkzaam in de landbouw, waaronder 243.000 seizoenarbeiders. Deze seizoensarbeiders leveren een waardevolle bijdrage aan de lokale voedselvoorziening. Zij komen vaak uit landen met lagere lonen, wat het Duitse loonniveau voor hen aantrekkelijk maakt bmel.de hoogtepunten.

Maar door de stijgende arbeidskosten – in arbeidsintensieve gebieden zoals de bessenteelt zijn deze verantwoordelijk voor wel 60% van de totale kosten – zijn veel bedrijven gedwongen hun gewasproductie naar het buitenland te verplaatsen. Schliecker benadrukt dat sommige seizoensarbeiders regelmatig terugkeren naar dezelfde bedrijven, wat de nauwe banden tussen de werknemers en de bedrijven onderstreept. Zonder de gevraagde ontheffing zou de gewenste zelfvoorziening in lokale groenten en fruit in gevaar kunnen komen.

Concurrentievermogen op het spel

De waarschuwingen worden steeds luider: de voorzitter van de boeren- en wijnbouwersvereniging van Rijnland-Palts Zuid, Eberhard Hartelt, ziet het concurrentievermogen van de Duitse landbouw in gevaar. Hij benadrukt dat veel groenten en fruit onrendabel kunnen worden als gevolg van hogere arbeidskosten. Dit zou niet alleen kunnen leiden tot verplaatsing van de productie naar het buitenland, maar ook tot bedrijfssluitingen en daarmee tot negatieve effecten op de voorzieningszekerheid. Politieke besluitvormers moeten nu oplossingen vinden die zowel rekening houden met de bescherming van het inkomen als met het concurrentievermogen van de industrie.

De situatie is ernstig en vereist dringende maatregelen om de Duitse landbouw te versterken. Internationaal vergeleken staan ​​Duitse boeren onder toenemende druk en de discussies over mogelijke speciale regelingen voor seizoensarbeid winnen aan kracht.